Bakken voor Britt

Sjoerd wil Britt verrassen voor Valentijnsdag. Hij gaat langs bij Robèrt van Beckhoven om speciaal voor haar iets lekkers te maken.

Die is lekker. Ja, deze. Lekker. Deze is lekker.

Die is lekker. Die is lekker.

Dit is Sjoerd. Hij is vakkenvuller, maar heeft ook altijd vlogger willen worden.

Daarom gaat hij op pad om ons allemaal blij te maken. In Blij met Sjoerd.

Het is vandaag Valentijn. Ik ga iets maken voor Britt.

Wie is Britt? -Mijn verkering.

Dan moet het wel heel mooi worden. -Zeker.

Uit onze koekenkit heb ik wat spulletjes gepakt.

Hoe wil je het hebben? -Een hartje.

Dan maken we eerst een deegje.

Als jij een eitje hierin doet, doe ik de boter erin.

Mooi, hè? -Waar komt Valentijnsdag vandaan?

Dat is een goede vraag. Vroeger was er een bisschop, die heette Valentijn.

Er waren mensen die alle twee een ander geloof hadden.

Die hadden een verboden liefde, maar ze wilden toch trouwen.

En bisschop Valentijn vond dat goed. Het was een beetje stiekem.

Daarom gaven ze die stiekeme cadeautjes. En dat is het verhaal.

Leuk, hè? -Wie is jouw Valentijn?

Die zag je net boven lopen. Die mooie dame, zeg maar.

O, zo. -Nu weet je het wel weer, hè?

Dat is mijn Valentijn.

Ik vind hem wel goed zo. Jij niet? -Jazeker.

Ik ga een hart maken. Of wij. Rollen we het uit met de hand of met de machine?

Met de machine, natuurlijk. -Met machines, dat is leuk.

Neem maar mee, dan haal ik de machine.

Opletten, hè. Duw maar die kant in.

Ho, ho. Andere kant in.

Terug.

Voor Britt.

Nou jij.

O, wauw.

Kun je het zien? -Lekker warm hier.

Zijn ze goed? -Ja, ziet er mooi uit.

Kijk uit, ze zijn heet. We doen er zo chocola op.

Hier, moet je kijken. Lekker.

Je kunt zo een hartje doen.

Dat kan, maar dit is makkelijker.

Hoe heet ze? Britt, hè? -Ja. Je schrijft het meteen goed.

Ik ken alleen maar zo'n Britt, anders was ze een Engelse dame.

Sjoerd, ik heb wat van die rode spikkeltjes gevonden.

Wauw, leuk. Wauw. -Leuk, hè? Leuk, leuk, leuk.

Dat is mooi, zeg. -Goed zo.

Hé. -Een Valentijntje.

Ja, hoor. -Goed, man.

Jazeker.

Hoi, Willem. -Hoi, Sjoerd.

Hiero. Voor jouw dochter. -Wat mooi.

Ziet er mooi uit, jongen. Heb je dat zelf gemaakt?

Zelf gemaakt, ja. -Sodemieters.

O, ja. -Hoi, schat.

Hoi. -Dag, schatje.

Hoe gaat het? -Lekker.

Kom binnen. -Hoi, Gerda.

Hoi, Sjoerd.

Ik wist van niks, man. -Ik mocht er ook niks over vertellen.

Wie heeft dat gemaakt? -Ik.

En waar? -In Brabant.

Dank je wel. -Graag gedaan.

Schat, hoe vond je het dat ik binnenkwam met die koek?

Top. -Ik ben naar een kok geweest in Brabant.

Was het leuk? -Super leuk.

Ik zie hier in donkere letters m'n naam.

Ik hou van jou. -Ja. Maak maar open, lieverd.

Dit is hem dus.

Kijk, ik heb hier een stuk voor jou.

Is met liefde gemaakt, schat. -Door jou.

Ja, door mij. -Ik ben blij met Sjoerd.

En ik ook met haar.

Volg mij op Appie Today. Later.

Meer Blij met Sjoerd